e-book Die Griechische Frage von 1821 im Spiegel der Politik des Europäischen Konzerts (German Edition)

Free download. Book file PDF easily for everyone and every device. You can download and read online Die Griechische Frage von 1821 im Spiegel der Politik des Europäischen Konzerts (German Edition) file PDF Book only if you are registered here. And also you can download or read online all Book PDF file that related with Die Griechische Frage von 1821 im Spiegel der Politik des Europäischen Konzerts (German Edition) book. Happy reading Die Griechische Frage von 1821 im Spiegel der Politik des Europäischen Konzerts (German Edition) Bookeveryone. Download file Free Book PDF Die Griechische Frage von 1821 im Spiegel der Politik des Europäischen Konzerts (German Edition) at Complete PDF Library. This Book have some digital formats such us :paperbook, ebook, kindle, epub, fb2 and another formats. Here is The CompletePDF Book Library. It's free to register here to get Book file PDF Die Griechische Frage von 1821 im Spiegel der Politik des Europäischen Konzerts (German Edition) Pocket Guide.

Fu- rius Camilius V-VI 27,1 ; o. Ook wordt de historiciteit op het oog gehouden. Tacitus wordt in deze bundel bijzonder bedacht. Een bijdrage van W. Suerbaum, Interpretationen zum Staatsbegriff des Tacitus, pp. Na enkele lezenswaardige beschouwingen van methodische aard, vraagt W. Suerbaum naar het object en het doel van Tacitus' oeuvre. Een passus uit de Annales 4, 33 brengt volgens W. Toch wordt de zo typisch Romeinse gemeenschapsgedachte o. Bij de ontleding van uittreksels uit een paar redevoeringen van keizer Tiberius Ann. Suerbaum de betekenis van de slagzin principes mortales, rem publicam aeternam esse.

In theorie zou de princeps moeten ondergeschikt zijn aan de gemeenschap en aan deze verhouding zijn plichtenleer ontlenen. Een laatste vraag : hoe oordeelt Tacitus over het historisch-werkelijke principaat, staatsvorm die Tacitus willens nillens is opgedrongen? Ter oplossing van het probleem wordt een originele methode aangewend.

Vermits Tacitus principatus en regnum als syno-. Suerbaum Tacitus' gesteltenis tegenover het eerste te bepalen door zijn houding tegenover het koningschap ; bedoeld wordt het regnum bij vreemde volkeren, niet te Rome zelf, want hieromtrent kan een echt Romein moeilijk onbevangen spreken. De nieuwe, misschien niet volledig veilige methode leidt naar andere bronnen dan voorheen ; waar men vroeger informatie zocht in de Dialogus de oratoribus, keert W.

Suerbaum zich thans naar de Germania. Uit deze beschouwing blijkt afdoende dat de begrippen libertas-virtus als het ware het formele object uitmaken van Tacitus' geschiedenis, zoals dat eenmaal door F. Klingner is beklemtoond geworden.

The Compendium (Part III)

Nogmaals wordt Tacitus onderzocht door H. Heubner, Sprache, Stil und Sache bei Tacitus, pp. Voldoende heeft men gewaarschuwd tegen de literator Tacitus, die af en toe de historicus volgens onze hedendaagse concepties over de geschiedschrijving tot spijtige concessies noopt. Dat het probleem van de verhouding Tacitus literator- Tacitus historicus omslachtiger is dan men vaak voorstelt, tracht H.

Heubner aan de hand van een reeks voorbeelden te illustreren Ann. Bewerking van taal en stijl mag niet beschouwd worden als een retorisch-artistieke bedrijvigheid zondermeer ; het komt erop aan beide als middelen op te vatten, die Sachbezogenheit dieser Mittel zu erkennen p. Dit aspect werd in de overigens merkwaardige studie van B. Tot het domein van de antieke geschiedschrijving behoort nog de zeer genuanceerde studie van H.

Volkmann, die deze bundel opent : Romkritik, Topik und historische Wirklichkeit, pp. Hoe patriotisch getint ook, toch bevat de Romeinse literatuur talrijke echo's van de kritiek die vreemde volkeren richtten tot Rome. Over de inhoud dezer verwijten handelde reeds H. Hij wenst verder de evolutie dezer kritieken te volgen en maakt, ter illustratie, een prachtige vergelijking tussen de brief van Mithridates VI aan Phraates III, koning der Parthen Sal- lustius, Hist.

Berpekter van opzet zijn drie artikels over Horatius. Dahlmann, Horatins, C. Radke, Dux bonus Horat. Tekstkritiek en bronnenstudie levert H. De stof wordt besproken onder drie hoofdingen : origineel en kopij, portrettype b. Moge dit gelukkige initiatief ook ten onzent weerklank vinden. Van't Dack. II, 7. Rome, Universale Studium, , pp. Post Platonem anno Horatius prodiit, liber nimirum lautissimus et magno Romanorum poeta omnino dignus Q.

ONLY TODAY!

Turolla, Augustae Taurinorum in aedibus Loescher editoris, ; pp. Liber impressus est in charta oryzina. To turn Horatia- num opus critice editur et versione pedestri, introductione cum generali cum singulos libros spectante necnon carminum argumentis notisque copiosis et bibliographicis commode instruitur.

Liber talis est ut, quicumque Horatium vel doctrinae vel merae artis causa amat, eum et noctu et die praesto ad manum habiturus sit. Quodsi saepe editiones doctae tarn foedae sunt aspectu ut a scriptorum antiquorum deliciis studiosos fugare velle videan- tur, Turolla vero talem paravit Horatium, qualem sibi quivis optabit homo cultus. Utinam poetae Venusino rnultos novosque paret amicos! Anderson, Anger in Juvenal and Seneca Univ.

Digital Press Office - Deutsche Oper Berlin

Kunst, Jahrgang , nr. E Vat. Les Griechische Mauerbauinschriften de F. Maier Heidelberg, Quelle und Meyer, er. Si, de l'avis de l'A. I date de ! On souhaite en trouver beaucoup de semblables, aussi claires et aussi plausibles. Cornelius Sisenna aux yeux des critiques anciens et notamment de Varron. Tout ce qu'on sait de lui, entre autres l'histoire fameuse de son pari avec Lucullus et Hortensius Plut. Hirtilius, cfr.

Cic, Brut. C'est la question que se pose Miss L. Ross-Taylor, Magistrates of 55 B. Nonius Sufenas, gouverneur d'une province d'Orient en Relevons en passant les noms d'E. Badian Where was Sisenna? Heurgon, L. Cincius et la loi sur le clavus annalis , G. Tibiletti Ticinum e la valle Padana et beaucoup d'autres. Grisart Asinius Pollion commentateur de Virgile. Valerius Messala Corvinus. En 29, T. Calvisius Sabinus et, en 27, S. En 22, P. Prudent en ce qui concerne la conversion de Pomponia Graecina par St. Pierre qui serait le 18 Janvier 43 sic? L'ouvrage de M. John Bishop, Nero, the man and the legend Londres, Hale, , pp.

Rien ne nous est dit de YApocoloquintose. A qui l'auteur l'attribue-t-il? Jacques et de St. L'auteur admet, avec M. XI, , pp. Mais ce. Si l'on suit l'A. C- p. A la fin de son livre, M.

Stanford Libraries

De Laet, les Fastes de la Belgique romaine : W. Ritterling, E. Groag et E. Il ne cite ni les recueils de H. Finke et de M. Certes, M. Merkelbach, H. Le commentaire de M. Engelmann pp. On ne cite plus maintenant cf. Guerrini : Vast di Hadra et porte le sous-titre Tentative di sistemazione cro- nologica di una classe ceramica, Rome, Bretschneider, , 1 vol. Son classement, proche de celui d'H. Mlle L. Zevi, La casa Reg. IX, 5, a Pompei e le sue pitture, Rome, Bretschneider, , 1 vol.

Studi Miscellanei, 5. Schefold, M. Revenant en quelques traits sur l'opposition significative entre la technique impressionniste des paysages et. XVII planches publie les fragments d'une trentaine de statues en terre cuite portant des traces de peinture ou de dorure.

C'est d'abord une utile mise au point sur la technique de la terre cuite, y compris en ce qui concerne les socles pp. Il faut donc souhaiter que M. Studi Misceixanei, 7. Mais l'angle trop exclusivement stylistique choisi par M. On regrettera qu'il n'ait pu. Dussaud, II Paris, , pp. Et la conclusion de la p. Quelques notes de lecture : p. Aurigemma, L. Foucher, A. Merlin, G.

Picard, L. Poinssot, P. Quoniam, J. Gauckler ; p. Marco in Venezia ; n. Foucher dans Arch. Parlasca, non Parlaska ; p. Grenier, I Bruxelles, , pp. Piganiol et avec la collaboration de M. Cette occupation dure jusqu'aux environ de Texte d'Albert Jourcin Paris, Larousse, ; un vol. Bullock Londres, Rathbone, Le choix de ces notices n'est pas toujours heureux.

Prix : 21 s. XXII, pp. Son objet est plus restreint. Qui est l'auteur de la Vita Alfredi? Question essentielle, que M. Cet ouvrage assez disparate se termine par un glossaire, une bibliographie de titres anglais et un index. La version nouvelle qu'en donne J. Romein, Apparaat voor de studie der geschiedenis. Nieuwe uitgave door Dr. Haak met de medewerking van. Groningen, Wolters, ; un vol. Prix: fr. Elles couvrent les cinq continents. Les Pays-Bas nos s'y taillent la part du lion, suivis dans l'ordre par la Grande-Bretagne n03 , l'Allemagne et l'Autriche 99 , la France 94 , la Belgique et le Luxembourg Thompson, K.

Potemkine est violemment partiale, etc. Dugast M. Paris, , pp. Van de Made. Atlas historique du Namurois. Cartes du Bas Moyen Age. La carte met en relief le lien entre commerce et affranchissement surtout aux origines. D'autre part, centres. Ainsi, l'article Ave et Auffe p. Nemery : U alleu d' 'Auffe Xe s. Cette seigneurie passa ensuite au Chapitre Notre-Dame de Namur. En effet, la villa romaine est proche de cet endroit. Inventaris van het Archief van de Raad van Vlaanderen. Brussel, Ministerie van Nationale Opvoeding en Cultuur.

Rijksarchief te Gent, ; 2 dln. Buntinx te mogen begroeten. Met deze publikatie heeft het levenswerk van de bekwame conservator van het Gentse Rijksarchief zijn slotfase bereikt. Ternauwernood kan men zich een idee vormen van de ontelbare uren die gedurende 24 jaar nodig waren om de vereiste orde te scheppen in dit reusachtige fonds van de Raad van Vlaanderen, dat twee zalen van het Geraard de Duivelsteen vulde.

In stak Dr. Buntinx van wal met een inventarisatie, die haar neerslag zal vinden in een statige reeks van meer dan tien gedrukte boekdelen, waarvan er twee thans voor ons liggen. Het eerste boekdeel van blz. Tot slot een inhoudstafel. De indices op het gehele fonds zullen als laatste deel in de reeks verschijnen. De inleiding opent met een korte historiek van de instelling van de Raad van Vlaanderen, met enig commentaar over organisatie en samenstelling, en over de bevoegdheid. Noodzakelijke elementen om een oordeelkundig gebruik mogelijk te maken van een inventarisatie die de historische groei van het levend archief terecht eerbiedigt.

Wegens politieke conflicten tussen vorst en onderdanen zal de Raad later nog vaak tijdelijk buiten Gent zetelen o. Vanaf is hij definitief te Gent gebleven afgezien van de Calvinistische republiek in en de Franse bezetting in Tijdens de Franse verovering was de Raad innerlijk verdeeld : een deel der raadsheren vluchtte naar Brugge ; anderen samen met president Errembault bleven te Gent en collaboreerden met de bezetter. Na de vrede van Nijmegen werd het volledige college in zijn functie hersteld. Een hervormingspoging van Jozef II in mislukte.

In werd de Raad door het Franse regiem definitief afgeschaft. De samenstelling was vrij wisselend, doch een ordonnantie van 8 mei geeft een goed algemeen inzicht : aan het hoofd de president, een hoge ambtenaar met protocollaire voorrang op alle andere in het graafschap. De twaalf raadsheren waren onafzetbaar sinds de 16 e eeuw , moesten geboren zijn in Vlaanderen, katholiek, licentiaat of doctor in de rechten. Hun jaarwedde lag vrij hoog.

Als Openbaar Ministerie fungeerden de procureur-generaal en advokaat-fiscaal. Voor de partijen waren procureurs en advokaten voorhanden. Klassieke gevallen : majesteitsschennis, overtreding van bevelen, misdrijven door vorstelijke ambtenaren en edelen, private oorlogen. Bij de afschaffing van de Hoge Raad van Admiraliteit ging haar bevoegdheid over op de Raad van Vlaanderen.

Als tweede punt der inleiding volgt een historiek van het archief Van de Raad. Ondanks de vele verhuizingen heeft het in de loop der eeuwen relatief weinig verliezen geleden. In oorlogstijd werden telkens afdoende beschermingsmaatregelen getroffen. Een eigenlijke inventaris van het fonds werd tijdens het bestaan der instelling nooit gemaakt. Ze verhuisden mee met het gerechtshof van 1 e aanleg naar het Koophandels- plein. Een speciale commissie werd ter klassering opgericht ; ze werd gedeeltelijk uitgevoerd door V. Gaillard en De Busscher. De hier besproken inventaris beoogt zo trouw mogelijk organisatie en werking van de Raad te weerspiegelen.

Het gehele fonds werd in vijf grote afdelingen ondergebracht : 1 het archief van de Raad ; 2 de processen ; 3 het archief van de fiscalen ; 4 de geconsigneerde papieren ; 5 de Raad als Admiraliteit Supreme. Achtereenvolgens worden deze vijf indelingen verantwoord en wordt een korte toelichting verstrekt bij elk der onder-afdelingen. De 2 e afdeling — de processen — is veruit de meest omvangrijke. Tot slot der inleiding : een alfabetische lijst van de raadsheren althans van de in de inventaris vermelde.

Het eerste gepubliceerde deel van de inventaris betreft het eigenlijke archief van de Raad van Vlaanderen, dus de volledige eerste afdeling. Uiteraard valt op dit zo zorgvuldige inventarisatie-werk geen kritiek uit te brengen, enkele onbenullige drukfouten niet te na gesproken. We kunnen slechts oprechte hulde brengen aan dit levenswerk. Vrij spoedig na het eerste deel, verscheen deel II van deze inventaris. Dit deel betreft een eerste gedeelte van de tweede afdeling, nl. Wegens de vele verhuizingen van het fonds zijn niet bijster veel procesbundels van de 14 e tot de 16e eeuw bewaard gebleven.

De dossiers zijn echter bijzonder talrijk voor de 17e eeuw, weer minder voor de 18e eeuw. De ontledingen der dossiers werden op voortreffelijke wijze gesystematisseerd, en, onder meer dank zij het gebruik van sigla, bondig maar toch duidelijk gehouden. Voor de personen werd zo mogelijk de woonplaats vermeld.

Het bleek niet mogelijk voor elk der dossiers zelfs een korte samenvatting van de inhoud. Ces actes qui sont relatifs au patrimoine de l'abbaye et relatent surtout des ventes, reliefs, accensements, constitutions de rentes, etc.


  1. Suicide Or Murder (Unnatural Death Investigations, Book #5).
  2. Tosa Diary (Tuttle Classics).
  3. Chronique — Kroniek - Persée.
  4. Fire In the North (Norman Conquest Series Book 3)!
  5. Beatdom #10.
  6. Thats What Its Made For;
  7. aus Wikipedia, der freien Enzyklopädie!

Car on ne lit pas un dictionnaire comme un. On le voit, la richesse documentaire de l'ouvrage est abondante. Que n'ont-ils fait ajouter quelques autres index! Le moins qu'on puisse en dire est que M. La publication par R. Maris sur la nomination de Philippe de Croij, comte de Chimay, comme lieutenant stadhouder de la Gueldre en , en remplacement de Guillaume comte d'Egmont 3. Gorissen dans son article sur le. Le professeur P.

Prijs : fr. Ewig behandelt in vogelvlucht de nederzettingsgeschiedenis vanaf de Romeinse tijd tot aan het begin van de tiende eeuw.

Navigationsmenü

Dankzij het Romeinse wegennet konden de Franken ongehinderd in het met wouden overdekte gebied tussen Maas en Eifel doordringen en van de aan of nabij die wegen gelegen Romeinse landgoederen bezit nemen. Terecht wijst de auteur in dit verband op de betekenis van de weg Keu- len-Reims voor de Frankische kolonisatie, waarlangs reeds in de Merovingische tijd op niet minder dan zeven plaatsen koningshoven zijn aan te wijzen. Volgens Ewig vormden de Ardennen oorspronkelijk een uitgestrekt staatsdomein, omringd door grote gouwen. De in voor de eerste maal vermelde pagus Ardennensis houdt hij evenals de in het verdrag van Meerssen naast de districten van Maastricht of Theux en Aken genoemde Liugas of Luikergouw voor een territoriale indeling van Karolingische oorsprong.

Normaliter waren de Karolingische graafschappen onderverdeeld in kleinere districten, de zogenaamde centenae of honderdschappen. De naam centena dagtekent echter al uit de Merovingische tijd, toen daarmee een gebied werd aangeduid, dat honderd gezinnen omvatte en een zelfstandige rechtskring vormde binnen het wijdere verband van de gouw.

Terwijl de Merovingische gouwindeling in grote trekken het patroon van de Gallo-Romeinse civitates volgde, kwam het ook voor, dat sommige centenae als pagi minores een eigen leven naast de oorspronkelijke gouwen gingen leiden. Een typisch voorbeeld hiervan is de Maasgouw, waarvan de oudste vermelding in een brief van bisschop Paulus van Verdun tot het jaar teruggaat. Vith en Bastogne gelegen koningsgoed aan de weg Keulen-Reims, het middelpunt van een honderdschap, waartoe o. Binsfeld behoorde, infra vasta Ardenna. Men zou zich derhalve kunnen afvragen, of de Ardennen-.

Van de naburige Condroz is namelijk bekend, dat aan de middeleeuwse gouw een Romeinse pagus van de civitas Tungrorum voorafging. Voor de Maasgouw kan op de pagus Catualinus als voorganger uit de Romeinse tijd worden gewezen. Rita Lejeune gaat de betekenis na van de Ardennen in de Middeleeuwse literatuur.

Zij tonen ons de Ardennen als het van- oudsher aangewezen toevluchtsoord voor vrijheidlievende mensen. Hoewel het aandeel van de Ardennen in de romaneske literatuur bescheiden was, verdient toch een lange roman in verzen over het door Lodewijk van Loon, graaf van Chiny in georganiseerde tournooi van Chauvency een afzonderlijke vermelding. Schrijfster benutte deze vermelding om haar bijdrage met een aantrekkelijk beeld van het gezelschapsleven van de adel uit die tijd te besluiten.

Marcel Bourguignon, wel vertrouwd met de geschiedenis van de ijzerindustrie in de Belgische provincie Luxemburg, waarvan hij de archieven beheert, geeft een boeiend overzicht van de ontwikkeling van deze nijverheid vanaf de vroegste tijden tot aan de opkomst van de moderne grootindustrie.

Met vaardige pen schetst hij het aandeel daarin van de opvolgende geslachten van eigenaren van hoogovens. Het in de achttiende eeuw opkomende gebruik om de ovens te verpachten leidde, zoals te verwachten was, tot een langdurig verval van de industrie. Opvallend is de reactie geweest van de abdij van Sint-Hubertus, die geleid door haar strijdvaardige abt Nico- laas Spiriet alles in het werk stelde om het verval tegen te gaan en de ijzerindustrie opnieuw tot bloei te brengen. Riccardo Patron, ; un vol.

L'ouvrage est fait avec soin et le choix des titres est judicieux et international. Quelques coquilles comme Brockaus p. L'ouvrage n'a pas d'index. La tradition a longtemps. William Miller. Rufini Presbyteri Liber De Fide. Washington D. C, The Catholic University Press, ; un vol. Patristic Studies, vol. Il nous semble pourtant que l'A. Une remarque cependant : pourquoi traduire sensus d'abord pp. Prix : 26 fr. On ne saurait suivre M. C'est tant mieux pour les lecteurs! Antike u. Christentum, II , p. Blumenkranz n'a pas tenu compte de la note d'H.

Silvestre parue dans Scriptorium, , pp. Il s'agit du ms. Signalons quelques coquilles : p. Au xve s. Au xvie s. LXX, , pp. Sans doute. Mlle F. Die Hirsauer. Prix : 18 DM. Non point en les copiant servilement. Meisenheim am Glan, A. Hain KG. Mainzer Abhandlungen zur mittleren und neueren Geschichte, t.

Dans un premier chapitre, l'A. Analecta Vaticana - Belgica. XV en XXV. Er zijn nu drie kloeke delen aan de brieven van de genoemde paus gewijd, zonder dat het werk geheel voltooid is. Na de voor ons liggende teksten en analysen moeten nog komen het titelblad van het eerste deel , de inleiding en de beschrijving van de bronnen en vooral het zelfs voor de recensent onmisbare register. Zoals bekend is, handelen de meeste dezer brieven over beneficies, gewoonlijk verleend op verzoek van de gegadigden of van regerende personen ten behoeve van hun ondergeschikten supplieken. De hoeveelheid brieven, stuks, voor de zevenjarige regering van paus Gregorius XL toont dat het zogenaamde Avionse systeem nog op volle toeren draaide, al was de terugslag onmiddellijk merkbaar, toen de paus in September Avignon verliet en langzaam naar Rome reisde.

De aanvragers waren toen een ogenblik hun normale contacten kwijt en de kanselarij bovendien door de verhuizing een deel van haar werkkracht. De Belgische beneficies waren blijkbaar voor vele personen met name voor kerkelijke waardigheidsbekleders en allerlei ambtenaren van de Curie, onder wie vele Belgen, zeer aantrekkelijk.

De brieven geven een grote massa zeer gewaardeerde inlichtingen over allerlei kerken, kloosters, kerkelijke personen, goederen en inkomsten, zodat zij de historieschrijver veel hulp kunnen bieden bij het ontwerpen van een beeld van de toenmalige kerkelijke situatie. Uiteraard heeft de uitgever zich gehouden aan de vroeger bestaande grenzen van de oude Belgische bisdommen Luik, Kamerijk, Terwaan en Doornik, waarvan het territoir groter was dan de tegenwoordige landgrenzen aangeven. Met name omvatte het bisdom Luik bijna geheel de tegenwoordige Nederlandse provincies Noord-Brabant en Limburg.

Het gelukkig gevolg daarvan is, dat ook de Noord Nederlandse kerkhistorici, die zich met de geschiedenis van deze gewesten bezig houden een grote massa gegevens in hun schoot geworpen krijgen. Dit zij dankbaar erkend. Deze gegevens zijn ook nog om andere redenen belangrijk voor een groter terrein. Vaak wordt nl. Deze zogenaamde non-obstantibus-formules vullen daarom het bestaande Bullarium Trajectense aan. De publicatie van deze brieven vermeerdert daarom onze kennis in vele opzichten. Maar hier kan alleen het register voldoende hulp voor een vruchtbaar gebruik van dit belangrijk werk bieden.

Een gelukwens aan de bewerker en een uiting van dank aan het Belgisch Historisch Instituut mogen hier een plaats vinden. Fockema Andreae en Mr. Prakke, ; un vol. Jonck- man et F. Le premier chapitre qui a pour auteur M. However, her links with. Spain were so close and her attitude to France so hostile that, by way of reprisal, the French sent troops into Corsica, then a dependency of Genoa. Genoese rule of this economically backward and feud-infested island was neither very efficient nor very popular.

Digital Press Office

In , a Corsican chieftain and former French officer, Sampiero Corso, who had personal grievances against the republic, started a rebellion. Sampiero was not an attractive character, having murdered his wife in peculiarly horrible circumstances. Nor was he a patriot in the modern sense, for he had no aims for Corsican independence, nor for the preservation of the liberties of the Corsicans. He simply wanted to throw out the Genoese and substitute for them the king of France, the duke of Florence, the duke of Savoy, the Pope or anyone else willing to help him. Corsica was not important enough for any of the powers to risk a major war ; but the rebellion presented a splendid opportunity for making trouble for one's political opponents.

Paris, A. Picard, ; one vol. Price : 40 F. The author has an exhaustive knowledge of the diplomatie sources and he writes well, with an occasional dry sense of humour. But, as one reads through several hundred pages of failed missions and abortive negotiations, one begins to wonder whether it was worth it. There is an air of unreality about this diplomacy.

Only the Corsicans and the Genoese took it seriously ; every one else did little more than take up half-hearted diplomatic postures which could be abandoned at a moment's notice. In the council chambers of the great powers, Corsica was never more than an afterthought. In the end, the French virtually abandoned the rebels. Sampiero was killed, in , and two years later his son, Alphonse d'Ornano later to be a marshall of France , submitted to the republic.

This book would have been more interesting if Monsieur Emmanuelli had told us more about the social structure of Corsica and the type of support which Sampiero got. But that was clearly not his purpose. As far as he has gone — and, in a sense, he has really gone much too far — this is a very scholarly monograph.

Loomie s. Hij wil nagaan op welke wijze Spanje de Engelse emigranten steunde en tot welke gekompliceerde verhouding deze steun leidde. Deze vijf hoofdstukken zijn omlijst door twee korte, o. Deze grondige en bovendien keurig uitgegeven studie berust in hoofdzaak op het archiefonderzoek dat Sehr, heeft verricht te Rome, Simancas, Madrid, Valladolid, Sevilla, Brussel, Londen en Stonyhurst, terwijl hij daarnaast natuurlijk de reeds bestaande bronnenuitgaven en literatuur heeft benut, al betreuren we in zijn bibliografie de afwezigheid van Rombauts' werk over Richard Verstegen en van Van Wassenhovens werk over Fran- gipani en de Engelse katholieken, evenals van de artikelen van L.

Antheunis in Bijdragen tot de Geschiedenis, en van L. Onder de bijlagen vermelden we vooral de lijst van de personen die in van koningswege met een pensioen bedacht werden blz. Prix : 33 fr. Het eerste deel verscheen in Met het 23ste, in verschenen, is de serie, nu staande onder de redactie der. Nouvelle Clio, no. Het voorgeschreven schema volgende, begint het werk met een overzicht van de bronnen en een bibliografie, die beiden een voortreffelijk hulpmiddel vormen en dat niet alleen voor studenten, maar even zeker voor oudere historici. Dan volgt een chronologie, die wat betreft de Nederlandse expansie bepaald onvoldoende is.

De feiten, die hier worden vermeld zijn maar ten dele de belangrijkste, deels zijn ze dan nog geheel onjuist, bijv. Ook verderop is, wat over de Nederlanders wordt gezegd, beneden de maat ; wat bijv. Mauro verstaat onze taal blijkbaar niet. Het behoeft wel nauwelijks vermelding, dat, zoals zo vaak in Franse werken het geval is, de spelling van Nederlandse woorden naar niets lijkt. Economische structuren en conjuncturen bepalen zijn geschiedopvatting voor een belangrijk deel.

Op grond daarvan acht hij een periodisering de juiste, het betreft nl. Ik krijg evenwel de indruk, dat het hem bij het uitwerken toch veel moeite heeft gekost die eenheid te laten blijken. Bij de lezing wist ik van tijd tot tijd niet over welke jaren M. De jaren vanaf heeft hij trouwens, wat te kort, in afzonderlijke hoofdstukken behandeld. Ik voor mij had liever een indeling tot het laatste kwart van de 18 e eeuw gezien. Dat Mauro enigszins zijn neus schijnt te stoten tegen het jaar , komt natuurlijk ook, doordat het aan het zijne voorafgaande werk nog niet is verschenen.

Blijkens de algemene inleiding p. Hij is er zeker in geslaagd de studenten en ook gevorderde historici in dit tweede deel zeer veel te bieden. Mij troffen speciaal de behandeling van de katholieke missie in dat werelddeel de protestantse zending komt niet uit de verf , p. Zoals bij deze auteur te verwachten viel, nemen economische kwesties veel ruimte in beslag 56 blz.

Ik vrees, dat voor vele jonge studenten heel wat hiervan te zwaar zal zijn. Deze hoogmoedige en eenzijdige opmerking getuigt allerminst van rijpheid. Denkt deze auteur nu werkelijk, dat met zijn werkwijze het oneindig rijke leven van den mens in het verleden kan worden gevangen? Het is hier niet de plaats daar verder op in te gaan. Slechts nog dit : ook ten aanzien van de studenten is M. Er zijn er vele onder de mijne, die ik zijn werk met klem ter bestudering zal aanbevelen, maar aan anderen, die daarom nog zeker niet de minsten zijn, zal ik het even zeker ontraden.

Tenslotte : een boek, dat een reactie als de bovenstaande opwekt, is natuurlijk een belangrijk werk. L'ouvrage nous fournit d'amples renseignements sur l'organisation du transport des. De Smet. Colin ; un vol. Van Santbergen. Campagne de Picard et Cie. Enfin, nous nous demandons si l'A.

En 't is ook goed zo! Uit hetzelfde oogpunt moet ook de bijdrage van de H. Grauwels, Deportatie van Pastoor G. Reisverhaal en Briefwisseling. Mededelingen van het Centrum voor studie van de Boerenkrijg, nr. Hoe was de toestand op het platteland te dien tijde? Hoe was het gesteld met de publieke opinie ten overstaan van de Parijse politiek? Welk is het lot geweest van de gedeporteerde priesters? Daarover verschaffen de Mededelingen van vermeld Centrum en meer speciaal het door de H.

Happaerts was pastoor te Landen. Zijn handschrift was in handen geraakt van de streekhistoriograaf A. De nrs. Ze hebben hoofdzakelijk betrekking op Maastricht in de Franse tijd. Tagage, Rond de opheffing van het kapittel van St. Servaas en de verkoop van zijn goederen nr. Servaas in de Franse tijd en de verkoop van de goederen van het kapittel, waarvan o.

Die korte studie is bedoeld als een aansporing tot verder onderzoek. De Jong, Zwanezang van het Maastrichtse goud-en zilversmedenambacht nr. Een geschiedenis van het bedoelde ambacht wordt aangekondigd. Ubachs, Van Tricolore tot Driekleur. Maastricht nr. Maenen belicht de belangrijkste karaktertrekken van Maastrichts sociaal-economische structuur tijdens de Franse tijd en het Verenigd Koninkrijk nr. Nummer 43 uit dezelfde reeks : E. Betreffende de geschiedenis van de Limburgse bibliotheken verstrekt schrijver geen fundamentele nieuwe gegevens.

Hij publiceert wel diverse documenten die over de lotgevallen van de boekenschat meer bijzonderheden aan het licht brengen en die hij situeert in de bibliotheekgeschiedenis van de Franse tijd. Die publicatie is een overdruk uit Het Oude Land van Loon, jg. De Vroede. Solange Vervaeck, Enkele bronnen uit de Franse tijd. Centre interuniversitaire d'Histoire contemporaine. Interuniversitair Centrum voor hedendaagse Geschiedenis, Cahiers-Bijdragen, 22 ten spijt, geeft ze eigenlijk meer dan men zou vermoeden, te oordelen naar de Indices.

Buiten de eigenlijke volkstellingen en inwonerslijsten, wordt ook de aandacht gevestigd op de betekenis van de registers voor oorlogsschattingen en andere belastingen, waarvan trouwens data en wetteksten worden gesignaleerd, samen met de daarbijhorende bibliografie. Zonder twijfel zal de publikatie van S. Vervaeck veel dienst bewijzen, vooral aan de jonge vorsers, door hun belangstelling te vestigen op de waarde van deze fiskale en demografische bronnen, in een tijd toen de statistische interpretatie, zoals ze heden ten dage beoefend wordt, nog in haar kinderschoenen stak.

De leemten in de voormelde registers zijn natuurlijk groot. De Weerdt. Louvain-Paris, Nauwelaerts, ; unvol. Centre Interuniversitaire d'histoire contemporaine, Cahier Antwerpen, Standaard Bhd. Katholieke Vlaamse Hogeschooluitbreiding, Jg. Wils de aandacht op de relatief vroege demokratische stroming in de katolieke opinie, tijdens de 19 e eeuw, namelijk in de middenstand.

Deze zorgde ervoor dat het traditioneel paternalisme overwonnen werd. De auteur wil bovendien aantonen hoe die demokratische stroming in het Vlaamse land verstrengeld geraakte met de Vlaamse beweging. Aldus zou de Vlaamse beweging een belangrijke stimulans geweest zijn voor de beginnende demokratie. Juist hierover bestaat betwisting. I date de ! On souhaite en trouver beaucoup de semblables, aussi claires et aussi plausibles. Cornelius Sisenna aux yeux des critiques anciens et notamment de Varron. Tout ce qu'on sait de lui, entre autres l'histoire fameuse de son pari avec Lucullus et Hortensius Plut.

Hirtilius, cfr. Cic, Brut. C'est la question que se pose Miss L. Ross-Taylor, Magistrates of 55 B. Nonius Sufenas, gouverneur d'une province d'Orient en Relevons en passant les noms d'E. Badian Where was Sisenna? Heurgon, L. Cincius et la loi sur le clavus annalis , G. Tibiletti Ticinum e la valle Padana et beaucoup d'autres. Grisart Asinius Pollion commentateur de Virgile. Valerius Messala Corvinus. En 29, T. Calvisius Sabinus et, en 27, S.

En 22, P. Prudent en ce qui concerne la conversion de Pomponia Graecina par St. Pierre qui serait le 18 Janvier 43 sic? L'ouvrage de M. John Bishop, Nero, the man and the legend Londres, Hale, , pp. Rien ne nous est dit de YApocoloquintose. A qui l'auteur l'attribue-t-il? Jacques et de St. L'auteur admet, avec M. XI, , pp. Mais ce. Si l'on suit l'A. C- p. A la fin de son livre, M. De Laet, les Fastes de la Belgique romaine : W. Ritterling, E. Groag et E. Il ne cite ni les recueils de H. Finke et de M. Certes, M. Merkelbach, H. Le commentaire de M. Engelmann pp.

On ne cite plus maintenant cf. Guerrini : Vast di Hadra et porte le sous-titre Tentative di sistemazione cro- nologica di una classe ceramica, Rome, Bretschneider, , 1 vol. Son classement, proche de celui d'H. Mlle L. Zevi, La casa Reg. IX, 5, a Pompei e le sue pitture, Rome, Bretschneider, , 1 vol. Studi Miscellanei, 5. Schefold, M. Revenant en quelques traits sur l'opposition significative entre la technique impressionniste des paysages et. XVII planches publie les fragments d'une trentaine de statues en terre cuite portant des traces de peinture ou de dorure.

C'est d'abord une utile mise au point sur la technique de la terre cuite, y compris en ce qui concerne les socles pp. Il faut donc souhaiter que M. Studi Misceixanei, 7. Mais l'angle trop exclusivement stylistique choisi par M. On regrettera qu'il n'ait pu. Dussaud, II Paris, , pp. Et la conclusion de la p. Quelques notes de lecture : p. Aurigemma, L. Foucher, A. Merlin, G. Picard, L. Poinssot, P. Quoniam, J. Gauckler ; p. Marco in Venezia ; n. Foucher dans Arch. Parlasca, non Parlaska ; p. Grenier, I Bruxelles, , pp. Piganiol et avec la collaboration de M.

Cette occupation dure jusqu'aux environ de Texte d'Albert Jourcin Paris, Larousse, ; un vol. Bullock Londres, Rathbone, Le choix de ces notices n'est pas toujours heureux. Prix : 21 s. XXII, pp. Son objet est plus restreint. Qui est l'auteur de la Vita Alfredi? Question essentielle, que M. Cet ouvrage assez disparate se termine par un glossaire, une bibliographie de titres anglais et un index. La version nouvelle qu'en donne J. Romein, Apparaat voor de studie der geschiedenis.

Nieuwe uitgave door Dr. Haak met de medewerking van. Groningen, Wolters, ; un vol. Prix: fr. Elles couvrent les cinq continents. Les Pays-Bas nos s'y taillent la part du lion, suivis dans l'ordre par la Grande-Bretagne n03 , l'Allemagne et l'Autriche 99 , la France 94 , la Belgique et le Luxembourg Thompson, K. Potemkine est violemment partiale, etc. Dugast M. Paris, , pp. Van de Made. Atlas historique du Namurois.

Cartes du Bas Moyen Age. La carte met en relief le lien entre commerce et affranchissement surtout aux origines. D'autre part, centres. Ainsi, l'article Ave et Auffe p. Nemery : U alleu d' 'Auffe Xe s. Cette seigneurie passa ensuite au Chapitre Notre-Dame de Namur. En effet, la villa romaine est proche de cet endroit. Inventaris van het Archief van de Raad van Vlaanderen. Brussel, Ministerie van Nationale Opvoeding en Cultuur. Rijksarchief te Gent, ; 2 dln.

Buntinx te mogen begroeten. Met deze publikatie heeft het levenswerk van de bekwame conservator van het Gentse Rijksarchief zijn slotfase bereikt. Ternauwernood kan men zich een idee vormen van de ontelbare uren die gedurende 24 jaar nodig waren om de vereiste orde te scheppen in dit reusachtige fonds van de Raad van Vlaanderen, dat twee zalen van het Geraard de Duivelsteen vulde.

In stak Dr. Buntinx van wal met een inventarisatie, die haar neerslag zal vinden in een statige reeks van meer dan tien gedrukte boekdelen, waarvan er twee thans voor ons liggen. Het eerste boekdeel van blz. Tot slot een inhoudstafel.

De indices op het gehele fonds zullen als laatste deel in de reeks verschijnen. De inleiding opent met een korte historiek van de instelling van de Raad van Vlaanderen, met enig commentaar over organisatie en samenstelling, en over de bevoegdheid. Noodzakelijke elementen om een oordeelkundig gebruik mogelijk te maken van een inventarisatie die de historische groei van het levend archief terecht eerbiedigt.

Wegens politieke conflicten tussen vorst en onderdanen zal de Raad later nog vaak tijdelijk buiten Gent zetelen o. Vanaf is hij definitief te Gent gebleven afgezien van de Calvinistische republiek in en de Franse bezetting in Tijdens de Franse verovering was de Raad innerlijk verdeeld : een deel der raadsheren vluchtte naar Brugge ; anderen samen met president Errembault bleven te Gent en collaboreerden met de bezetter. Na de vrede van Nijmegen werd het volledige college in zijn functie hersteld.

Een hervormingspoging van Jozef II in mislukte. In werd de Raad door het Franse regiem definitief afgeschaft. De samenstelling was vrij wisselend, doch een ordonnantie van 8 mei geeft een goed algemeen inzicht : aan het hoofd de president, een hoge ambtenaar met protocollaire voorrang op alle andere in het graafschap. De twaalf raadsheren waren onafzetbaar sinds de 16 e eeuw , moesten geboren zijn in Vlaanderen, katholiek, licentiaat of doctor in de rechten.

Hun jaarwedde lag vrij hoog. Als Openbaar Ministerie fungeerden de procureur-generaal en advokaat-fiscaal. Voor de partijen waren procureurs en advokaten voorhanden. Klassieke gevallen : majesteitsschennis, overtreding van bevelen, misdrijven door vorstelijke ambtenaren en edelen, private oorlogen. Bij de afschaffing van de Hoge Raad van Admiraliteit ging haar bevoegdheid over op de Raad van Vlaanderen.

Esoteric Agenda - Best Quality with Subtitles in 13 Languages

Als tweede punt der inleiding volgt een historiek van het archief Van de Raad. Ondanks de vele verhuizingen heeft het in de loop der eeuwen relatief weinig verliezen geleden. In oorlogstijd werden telkens afdoende beschermingsmaatregelen getroffen. Een eigenlijke inventaris van het fonds werd tijdens het bestaan der instelling nooit gemaakt. Ze verhuisden mee met het gerechtshof van 1 e aanleg naar het Koophandels- plein. Een speciale commissie werd ter klassering opgericht ; ze werd gedeeltelijk uitgevoerd door V. Gaillard en De Busscher. De hier besproken inventaris beoogt zo trouw mogelijk organisatie en werking van de Raad te weerspiegelen.

Het gehele fonds werd in vijf grote afdelingen ondergebracht : 1 het archief van de Raad ; 2 de processen ; 3 het archief van de fiscalen ; 4 de geconsigneerde papieren ; 5 de Raad als Admiraliteit Supreme. Achtereenvolgens worden deze vijf indelingen verantwoord en wordt een korte toelichting verstrekt bij elk der onder-afdelingen. De 2 e afdeling — de processen — is veruit de meest omvangrijke. Tot slot der inleiding : een alfabetische lijst van de raadsheren althans van de in de inventaris vermelde.

Het eerste gepubliceerde deel van de inventaris betreft het eigenlijke archief van de Raad van Vlaanderen, dus de volledige eerste afdeling. Uiteraard valt op dit zo zorgvuldige inventarisatie-werk geen kritiek uit te brengen, enkele onbenullige drukfouten niet te na gesproken. We kunnen slechts oprechte hulde brengen aan dit levenswerk. Vrij spoedig na het eerste deel, verscheen deel II van deze inventaris.

Dit deel betreft een eerste gedeelte van de tweede afdeling, nl. Wegens de vele verhuizingen van het fonds zijn niet bijster veel procesbundels van de 14 e tot de 16e eeuw bewaard gebleven. De dossiers zijn echter bijzonder talrijk voor de 17e eeuw, weer minder voor de 18e eeuw.

De ontledingen der dossiers werden op voortreffelijke wijze gesystematisseerd, en, onder meer dank zij het gebruik van sigla, bondig maar toch duidelijk gehouden. Voor de personen werd zo mogelijk de woonplaats vermeld. Het bleek niet mogelijk voor elk der dossiers zelfs een korte samenvatting van de inhoud. Ces actes qui sont relatifs au patrimoine de l'abbaye et relatent surtout des ventes, reliefs, accensements, constitutions de rentes, etc.

Car on ne lit pas un dictionnaire comme un. On le voit, la richesse documentaire de l'ouvrage est abondante. Que n'ont-ils fait ajouter quelques autres index! Le moins qu'on puisse en dire est que M. La publication par R. Maris sur la nomination de Philippe de Croij, comte de Chimay, comme lieutenant stadhouder de la Gueldre en , en remplacement de Guillaume comte d'Egmont 3.

Gorissen dans son article sur le. Le professeur P. Prijs : fr. Ewig behandelt in vogelvlucht de nederzettingsgeschiedenis vanaf de Romeinse tijd tot aan het begin van de tiende eeuw. Dankzij het Romeinse wegennet konden de Franken ongehinderd in het met wouden overdekte gebied tussen Maas en Eifel doordringen en van de aan of nabij die wegen gelegen Romeinse landgoederen bezit nemen.

Terecht wijst de auteur in dit verband op de betekenis van de weg Keu- len-Reims voor de Frankische kolonisatie, waarlangs reeds in de Merovingische tijd op niet minder dan zeven plaatsen koningshoven zijn aan te wijzen. Volgens Ewig vormden de Ardennen oorspronkelijk een uitgestrekt staatsdomein, omringd door grote gouwen. De in voor de eerste maal vermelde pagus Ardennensis houdt hij evenals de in het verdrag van Meerssen naast de districten van Maastricht of Theux en Aken genoemde Liugas of Luikergouw voor een territoriale indeling van Karolingische oorsprong.

Normaliter waren de Karolingische graafschappen onderverdeeld in kleinere districten, de zogenaamde centenae of honderdschappen. De naam centena dagtekent echter al uit de Merovingische tijd, toen daarmee een gebied werd aangeduid, dat honderd gezinnen omvatte en een zelfstandige rechtskring vormde binnen het wijdere verband van de gouw. Terwijl de Merovingische gouwindeling in grote trekken het patroon van de Gallo-Romeinse civitates volgde, kwam het ook voor, dat sommige centenae als pagi minores een eigen leven naast de oorspronkelijke gouwen gingen leiden.

Een typisch voorbeeld hiervan is de Maasgouw, waarvan de oudste vermelding in een brief van bisschop Paulus van Verdun tot het jaar teruggaat. Vith en Bastogne gelegen koningsgoed aan de weg Keulen-Reims, het middelpunt van een honderdschap, waartoe o. Binsfeld behoorde, infra vasta Ardenna. Men zou zich derhalve kunnen afvragen, of de Ardennen-. Van de naburige Condroz is namelijk bekend, dat aan de middeleeuwse gouw een Romeinse pagus van de civitas Tungrorum voorafging.

Voor de Maasgouw kan op de pagus Catualinus als voorganger uit de Romeinse tijd worden gewezen. Rita Lejeune gaat de betekenis na van de Ardennen in de Middeleeuwse literatuur. Zij tonen ons de Ardennen als het van- oudsher aangewezen toevluchtsoord voor vrijheidlievende mensen. Hoewel het aandeel van de Ardennen in de romaneske literatuur bescheiden was, verdient toch een lange roman in verzen over het door Lodewijk van Loon, graaf van Chiny in georganiseerde tournooi van Chauvency een afzonderlijke vermelding.

Schrijfster benutte deze vermelding om haar bijdrage met een aantrekkelijk beeld van het gezelschapsleven van de adel uit die tijd te besluiten. Marcel Bourguignon, wel vertrouwd met de geschiedenis van de ijzerindustrie in de Belgische provincie Luxemburg, waarvan hij de archieven beheert, geeft een boeiend overzicht van de ontwikkeling van deze nijverheid vanaf de vroegste tijden tot aan de opkomst van de moderne grootindustrie. Met vaardige pen schetst hij het aandeel daarin van de opvolgende geslachten van eigenaren van hoogovens. Het in de achttiende eeuw opkomende gebruik om de ovens te verpachten leidde, zoals te verwachten was, tot een langdurig verval van de industrie.

Opvallend is de reactie geweest van de abdij van Sint-Hubertus, die geleid door haar strijdvaardige abt Nico- laas Spiriet alles in het werk stelde om het verval tegen te gaan en de ijzerindustrie opnieuw tot bloei te brengen. Riccardo Patron, ; un vol. L'ouvrage est fait avec soin et le choix des titres est judicieux et international. Quelques coquilles comme Brockaus p.

L'ouvrage n'a pas d'index. La tradition a longtemps. William Miller. Rufini Presbyteri Liber De Fide. Washington D. C, The Catholic University Press, ; un vol. Patristic Studies, vol. Il nous semble pourtant que l'A. Une remarque cependant : pourquoi traduire sensus d'abord pp.

Prix : 26 fr. On ne saurait suivre M. C'est tant mieux pour les lecteurs! Antike u. Christentum, II , p. Blumenkranz n'a pas tenu compte de la note d'H. Silvestre parue dans Scriptorium, , pp. Il s'agit du ms. Signalons quelques coquilles : p. Au xve s. Au xvie s. LXX, , pp. Sans doute. Mlle F. Die Hirsauer. Prix : 18 DM. Non point en les copiant servilement. Meisenheim am Glan, A. Hain KG. Mainzer Abhandlungen zur mittleren und neueren Geschichte, t. Dans un premier chapitre, l'A. Analecta Vaticana - Belgica. XV en XXV. Er zijn nu drie kloeke delen aan de brieven van de genoemde paus gewijd, zonder dat het werk geheel voltooid is.

Na de voor ons liggende teksten en analysen moeten nog komen het titelblad van het eerste deel , de inleiding en de beschrijving van de bronnen en vooral het zelfs voor de recensent onmisbare register. Zoals bekend is, handelen de meeste dezer brieven over beneficies, gewoonlijk verleend op verzoek van de gegadigden of van regerende personen ten behoeve van hun ondergeschikten supplieken. De hoeveelheid brieven, stuks, voor de zevenjarige regering van paus Gregorius XL toont dat het zogenaamde Avionse systeem nog op volle toeren draaide, al was de terugslag onmiddellijk merkbaar, toen de paus in September Avignon verliet en langzaam naar Rome reisde.

De aanvragers waren toen een ogenblik hun normale contacten kwijt en de kanselarij bovendien door de verhuizing een deel van haar werkkracht. De Belgische beneficies waren blijkbaar voor vele personen met name voor kerkelijke waardigheidsbekleders en allerlei ambtenaren van de Curie, onder wie vele Belgen, zeer aantrekkelijk.

De brieven geven een grote massa zeer gewaardeerde inlichtingen over allerlei kerken, kloosters, kerkelijke personen, goederen en inkomsten, zodat zij de historieschrijver veel hulp kunnen bieden bij het ontwerpen van een beeld van de toenmalige kerkelijke situatie. Uiteraard heeft de uitgever zich gehouden aan de vroeger bestaande grenzen van de oude Belgische bisdommen Luik, Kamerijk, Terwaan en Doornik, waarvan het territoir groter was dan de tegenwoordige landgrenzen aangeven.

Met name omvatte het bisdom Luik bijna geheel de tegenwoordige Nederlandse provincies Noord-Brabant en Limburg. Het gelukkig gevolg daarvan is, dat ook de Noord Nederlandse kerkhistorici, die zich met de geschiedenis van deze gewesten bezig houden een grote massa gegevens in hun schoot geworpen krijgen. Dit zij dankbaar erkend. Deze gegevens zijn ook nog om andere redenen belangrijk voor een groter terrein.

Vaak wordt nl. Deze zogenaamde non-obstantibus-formules vullen daarom het bestaande Bullarium Trajectense aan. De publicatie van deze brieven vermeerdert daarom onze kennis in vele opzichten. Maar hier kan alleen het register voldoende hulp voor een vruchtbaar gebruik van dit belangrijk werk bieden. Een gelukwens aan de bewerker en een uiting van dank aan het Belgisch Historisch Instituut mogen hier een plaats vinden. Fockema Andreae en Mr. Prakke, ; un vol. Jonck- man et F. Le premier chapitre qui a pour auteur M.

However, her links with. Spain were so close and her attitude to France so hostile that, by way of reprisal, the French sent troops into Corsica, then a dependency of Genoa. Genoese rule of this economically backward and feud-infested island was neither very efficient nor very popular. In , a Corsican chieftain and former French officer, Sampiero Corso, who had personal grievances against the republic, started a rebellion.

Sampiero was not an attractive character, having murdered his wife in peculiarly horrible circumstances. Nor was he a patriot in the modern sense, for he had no aims for Corsican independence, nor for the preservation of the liberties of the Corsicans. He simply wanted to throw out the Genoese and substitute for them the king of France, the duke of Florence, the duke of Savoy, the Pope or anyone else willing to help him.

Corsica was not important enough for any of the powers to risk a major war ; but the rebellion presented a splendid opportunity for making trouble for one's political opponents. Paris, A. Picard, ; one vol. Price : 40 F. The author has an exhaustive knowledge of the diplomatie sources and he writes well, with an occasional dry sense of humour. But, as one reads through several hundred pages of failed missions and abortive negotiations, one begins to wonder whether it was worth it. There is an air of unreality about this diplomacy. Only the Corsicans and the Genoese took it seriously ; every one else did little more than take up half-hearted diplomatic postures which could be abandoned at a moment's notice.

In the council chambers of the great powers, Corsica was never more than an afterthought. In the end, the French virtually abandoned the rebels. Sampiero was killed, in , and two years later his son, Alphonse d'Ornano later to be a marshall of France , submitted to the republic. This book would have been more interesting if Monsieur Emmanuelli had told us more about the social structure of Corsica and the type of support which Sampiero got.

But that was clearly not his purpose. As far as he has gone — and, in a sense, he has really gone much too far — this is a very scholarly monograph. Loomie s. Hij wil nagaan op welke wijze Spanje de Engelse emigranten steunde en tot welke gekompliceerde verhouding deze steun leidde. Deze vijf hoofdstukken zijn omlijst door twee korte, o.

Deze grondige en bovendien keurig uitgegeven studie berust in hoofdzaak op het archiefonderzoek dat Sehr, heeft verricht te Rome, Simancas, Madrid, Valladolid, Sevilla, Brussel, Londen en Stonyhurst, terwijl hij daarnaast natuurlijk de reeds bestaande bronnenuitgaven en literatuur heeft benut, al betreuren we in zijn bibliografie de afwezigheid van Rombauts' werk over Richard Verstegen en van Van Wassenhovens werk over Fran- gipani en de Engelse katholieken, evenals van de artikelen van L.

Antheunis in Bijdragen tot de Geschiedenis, en van L. Onder de bijlagen vermelden we vooral de lijst van de personen die in van koningswege met een pensioen bedacht werden blz. Prix : 33 fr. Het eerste deel verscheen in Met het 23ste, in verschenen, is de serie, nu staande onder de redactie der.

Nouvelle Clio, no. Het voorgeschreven schema volgende, begint het werk met een overzicht van de bronnen en een bibliografie, die beiden een voortreffelijk hulpmiddel vormen en dat niet alleen voor studenten, maar even zeker voor oudere historici. Dan volgt een chronologie, die wat betreft de Nederlandse expansie bepaald onvoldoende is. De feiten, die hier worden vermeld zijn maar ten dele de belangrijkste, deels zijn ze dan nog geheel onjuist, bijv.

Ook verderop is, wat over de Nederlanders wordt gezegd, beneden de maat ; wat bijv. Mauro verstaat onze taal blijkbaar niet. Het behoeft wel nauwelijks vermelding, dat, zoals zo vaak in Franse werken het geval is, de spelling van Nederlandse woorden naar niets lijkt. Economische structuren en conjuncturen bepalen zijn geschiedopvatting voor een belangrijk deel. Op grond daarvan acht hij een periodisering de juiste, het betreft nl.

Ik krijg evenwel de indruk, dat het hem bij het uitwerken toch veel moeite heeft gekost die eenheid te laten blijken. Bij de lezing wist ik van tijd tot tijd niet over welke jaren M. De jaren vanaf heeft hij trouwens, wat te kort, in afzonderlijke hoofdstukken behandeld. Ik voor mij had liever een indeling tot het laatste kwart van de 18 e eeuw gezien. Dat Mauro enigszins zijn neus schijnt te stoten tegen het jaar , komt natuurlijk ook, doordat het aan het zijne voorafgaande werk nog niet is verschenen.

Blijkens de algemene inleiding p. Hij is er zeker in geslaagd de studenten en ook gevorderde historici in dit tweede deel zeer veel te bieden. Mij troffen speciaal de behandeling van de katholieke missie in dat werelddeel de protestantse zending komt niet uit de verf , p. Zoals bij deze auteur te verwachten viel, nemen economische kwesties veel ruimte in beslag 56 blz.

Ik vrees, dat voor vele jonge studenten heel wat hiervan te zwaar zal zijn. Deze hoogmoedige en eenzijdige opmerking getuigt allerminst van rijpheid. Denkt deze auteur nu werkelijk, dat met zijn werkwijze het oneindig rijke leven van den mens in het verleden kan worden gevangen? Het is hier niet de plaats daar verder op in te gaan. Slechts nog dit : ook ten aanzien van de studenten is M. Er zijn er vele onder de mijne, die ik zijn werk met klem ter bestudering zal aanbevelen, maar aan anderen, die daarom nog zeker niet de minsten zijn, zal ik het even zeker ontraden.

Tenslotte : een boek, dat een reactie als de bovenstaande opwekt, is natuurlijk een belangrijk werk. L'ouvrage nous fournit d'amples renseignements sur l'organisation du transport des. De Smet. Colin ; un vol. Van Santbergen. Campagne de Picard et Cie. Enfin, nous nous demandons si l'A. En 't is ook goed zo! Uit hetzelfde oogpunt moet ook de bijdrage van de H. Grauwels, Deportatie van Pastoor G. Reisverhaal en Briefwisseling. Mededelingen van het Centrum voor studie van de Boerenkrijg, nr.

Hoe was de toestand op het platteland te dien tijde? Hoe was het gesteld met de publieke opinie ten overstaan van de Parijse politiek?


  • Christmas on Red Dog Road;
  • The Price of Deception (Book Two The Legacy Series).
  • Immortelle (Roman).
  • OXFORD UNIVERSITY PRESS.
  • Knitted Knee Cap Warmers Knit Knitting Pattern.
  • Gastroenterology: Functional Bowel Disorders (Audio-Digest Foundation Gastroenterology Continuing Medical Education (CME). Volume 26, Issue 16).
  • Mind Travels: A Collection of Stories?
  • Welk is het lot geweest van de gedeporteerde priesters? Daarover verschaffen de Mededelingen van vermeld Centrum en meer speciaal het door de H. Happaerts was pastoor te Landen. Zijn handschrift was in handen geraakt van de streekhistoriograaf A. De nrs. Ze hebben hoofdzakelijk betrekking op Maastricht in de Franse tijd.

    Tagage, Rond de opheffing van het kapittel van St. Servaas en de verkoop van zijn goederen nr. Servaas in de Franse tijd en de verkoop van de goederen van het kapittel, waarvan o. Die korte studie is bedoeld als een aansporing tot verder onderzoek. De Jong, Zwanezang van het Maastrichtse goud-en zilversmedenambacht nr. Een geschiedenis van het bedoelde ambacht wordt aangekondigd. Ubachs, Van Tricolore tot Driekleur. Maastricht nr. Maenen belicht de belangrijkste karaktertrekken van Maastrichts sociaal-economische structuur tijdens de Franse tijd en het Verenigd Koninkrijk nr.

    Nummer 43 uit dezelfde reeks : E. Betreffende de geschiedenis van de Limburgse bibliotheken verstrekt schrijver geen fundamentele nieuwe gegevens. Hij publiceert wel diverse documenten die over de lotgevallen van de boekenschat meer bijzonderheden aan het licht brengen en die hij situeert in de bibliotheekgeschiedenis van de Franse tijd. Die publicatie is een overdruk uit Het Oude Land van Loon, jg. De Vroede. Solange Vervaeck, Enkele bronnen uit de Franse tijd. Centre interuniversitaire d'Histoire contemporaine. Interuniversitair Centrum voor hedendaagse Geschiedenis, Cahiers-Bijdragen, 22 ten spijt, geeft ze eigenlijk meer dan men zou vermoeden, te oordelen naar de Indices.

    Buiten de eigenlijke volkstellingen en inwonerslijsten, wordt ook de aandacht gevestigd op de betekenis van de registers voor oorlogsschattingen en andere belastingen, waarvan trouwens data en wetteksten worden gesignaleerd, samen met de daarbijhorende bibliografie. Zonder twijfel zal de publikatie van S. Vervaeck veel dienst bewijzen, vooral aan de jonge vorsers, door hun belangstelling te vestigen op de waarde van deze fiskale en demografische bronnen, in een tijd toen de statistische interpretatie, zoals ze heden ten dage beoefend wordt, nog in haar kinderschoenen stak.

    De leemten in de voormelde registers zijn natuurlijk groot. De Weerdt. Louvain-Paris, Nauwelaerts, ; unvol. Centre Interuniversitaire d'histoire contemporaine, Cahier Antwerpen, Standaard Bhd. Katholieke Vlaamse Hogeschooluitbreiding, Jg. Wils de aandacht op de relatief vroege demokratische stroming in de katolieke opinie, tijdens de 19 e eeuw, namelijk in de middenstand.

    Deze zorgde ervoor dat het traditioneel paternalisme overwonnen werd. De auteur wil bovendien aantonen hoe die demokratische stroming in het Vlaamse land verstrengeld geraakte met de Vlaamse beweging. Aldus zou de Vlaamse beweging een belangrijke stimulans geweest zijn voor de beginnende demokratie. Juist hierover bestaat betwisting. Zoals het hoort in historische studies worden de feiten ter hulp geroepen. In een afzonderlijk hoofdstuk schetst Dr.

    Buiten West- Vlaanderen wordt vooral aandacht geschonken aan de Vlaamse Katolieke Landsbond, het Daensisme en aan enkele initiatieven van de katolieke partij. De auteur beweert terecht dat een demokratische stroming aanwezig was onder de katolieke kleinburgerij. Waarom bleef deze zo lange tijd zwak? Om dit te begrijpen en de pioniers voldoende recht te laten wedervaren, moeten wij denken aan het milieu waarin de katolieken verplicht waren te leven tijdens die beroerde 19 e eeuw.

    Rond die tijd ook is het meer konstructieve socialisme van wal gestoken. Nog in , ter gelegenheid van het eeuwfeest van de eerste Internationale, trok K. Huysmans de aandacht op het grote onderscheid tussen het utopische en het realistische socialisme. Het is duidelijk dat de kristelijke sociale beweging, met Luik als eerste centrum, in het Vlaamse land aanknopingspunten heeft gevonden bij de zich ontplooiende Vlaamse beweging.

    Maar het is toch treffend dat beide grote bewegingen naast elkaar verder konden leven met aan de leiding personen die opvallend ver van elkaar stonden. In de kristen-demokratie kan A. Verhaegen hier als meest typische voorbeeld gelden, in het Vlaamse kamp kan men verwijzen naar een Lodewijk de Raet of een Max Rooses, zelfs naar een Hugo Verriest, ook al was deze wel eens spreker op een Sociale Week. De brochure van Dr. Wils brengt interessante gegevens, die eenmaal in een meer definitieve syntese nuttig kunnen verwerkt worden. Prijs : 90 fr. Vermits geen enkel archiefstuk van de vereniging bewaard bleef, moest de studie bijna uitsluitend steunen op de pers.

    Hij vangt aan met een beschrijving van de mutualistische beweging te Antwerpen en van de voorlopers der socialistische werking, waarover hij enkele nieuwe bijzonderheden brengt. Deze vereniging heeft weinig opvallends verricht buiten de uitgave van het weekblad De Werker en een langdurige staking met lock-out der sigarenmakers in ; maar de S. Hij stipt terecht aan dat de radikaal-liberalen op het beginnende socialisme een diepe invloed uitgeoefend hebben, iets wat o.

    Op twee punten kunnen we niet helemaal met hem instemmen. Wie zal het sein geven? Hij gaat met ons akkoord dat de socialisten zeer diepe invloeden ondergingen van de radikalen ; hun antimilitarisme, republikanisme, vrijzinnigheid, enz. Wij hebben juist in verband met het Antwerpse Volksverbond de hypothese geformuleerd dat de beslissende oorzaak lag in de godsdienstig-politieke verhoudingen die in Vlaanderen toevallig anders lagen dan elders.

    Eens daarom de Vlaamse beweging werd afgewezen, lag het voor de hand dat zulks gebeurde in propagandistische bewoordingen die de S. Dat o. Pour ces raisons, M. Elle situe d'abord le sujet auquel les rubriques de l'inventaire font allusion. Mais l'inventaire de l'A. Remigius Dieteren, O. Grondgebieden volkshuisvesting in de mijnstreek. Pabst, Eupen-Malmedy in der belgischen Regierungs- und Parleienpolitik, dans la Zeitschrift des Aachener Geschichtsvereins, t. LXXVI, Sur deux livres d'un ancien Landrat, in La Vie Wallonne, t. XXXIX, , pp.

    Notes de lecture est d'ailleurs un terme insuffisant. Au Fil d'Ariane, , pp. Prix : 20 fr. Prix : fr. Admettons toutefois que l'ampleur de leur tra-. Ce sont autant de raisons qui font de ce livre un instrument indispensable pour la science politique. Arzt und Humanismus : das humanistische Weltbild in Naturwissenschaft und Medizin.

    Zurich et Stuttgart, Artemis Verlag, ; un vol. La vraie science, proclame M. Il en est ainsi en Europe occidentale. Abel , the compilation of customary law in the Punjab in the nineteenth century A. Gutt , the recording of customary law in British Africa and the Restatement of African law project A. Van Caenegem. Hij bouwde er een kerk, waar de gelovigen uit het omliggende kerspel samenkwamen.

    Nabij deze kerk ontstond een belangrijke marktplaats — het marktprivilege dateert van — , waaruit zich de stad Oldenzaal ontwikkelde. De huizen van deze stad waren gebouwd op percelen, die door de bisschop van Utrecht in niet-heerlijk tijnsrecht waren uitgegeven. Oldenzaal kreeg haar stadsrecht van bisschop Otto HI in De burgers van de stad waren St Maartendienstmannen, die ruiterdienst moesten verrichten ten voordele van de bisschop van Utrecht.

    Daartegenover genoten zij bijzondere voorrechten, zoals het jachtrecht en het privilege, dat een poorter van Oldenzaal, die een halsmisdrijf had begaan, niet met de onterende galg, maar — zoals een edelman — met het zwaard terechtgesteld moest worden.